Er ligt iets vreemds in de manier waarop een handgemaakte vaas een kamer overneemt. Zet er een op de schouw en plotseling valt die minimalistische print aan de muur in het niet. Dat komt niet door toeval. De onregelmatige vorm, de dikke glazuurrand, de kleine afdruk van duimen in de klei, je oog vindt die details en blijft er even hangen. In een interieur vol strak gemaakte meubels is dat precies waar zo'n vaas wint.
In de woontrends voor dit jaar staat ambacht hoog op de lijst. Niet toevallig. Na jaren van gladde IKEA-hoekjes en fabrieksperfecte salontafels groeit de vraag naar iets dat een spoor van een mens laat zien. Een handgemaakte vaas is misschien wel het makkelijkste beginpunt.
Wat een handgemaakte vaas anders maakt
Een vaas die uit een gietvorm rolt ziet er op elke plek hetzelfde uit. Een vaas die iemand op een draaischijf heeft opgetrokken nooit. De hoogte verschilt een paar millimeter, het glazuur druipt aan één kant iets verder, de kleur is op de zonzijde net een tint anders dan op de schaduwzijde. Dat zijn de details waar kunsthistorici over praten, maar in een woonkamer doen ze iets veel praktischers: ze breken de vlakheid van moderne meubels open.
Volgens de uitleg op Wikipedia over keramiek werken pottenbakkers al duizenden jaren met dezelfde basistechnieken. Die traditie voel je terug in een goede vaas. Je koopt geen product, je koopt het resultaat van ergens tussen de vier en twintig uur handwerk.
Hoe je er eentje kiest die niet meteen verveelt
De verleiding is groot om de eerste leuke vaas mee te nemen die je ziet. Doe dat niet. Stel jezelf drie dingen voor: waar komt hij te staan, welke hoogte heeft de ruimte eromheen, en welke kleuren vallen daar al op.
Voor een lage salontafel werkt een brede, gedrongen vaas vaak beter dan een hoge slanke. Op een hoge kast doet juist die hoge slanke vaas z'n werk, omdat hij de leegte erboven vult zonder de kast top-zwaar te maken. En een groot raam met veel natuurlijk licht vraagt om een kleur die z'n meester niet overstemt: aarde-tinten, zand, dof wit, of juist één diepe kleur als contrast.
Let ook op de opening. Een bolvaas met een smalle hals vraagt om takken, een brede open vaas vraagt om een royaal boeket. Een vaas die leeg nog steeds mooi is, staat bovenaan. Dat is het beste selectiecriterium dat ik ken.
Waar ze eigenlijk thuishoren
De meeste mensen zetten hun vaas op de eettafel of vensterbank en vergeten hem daar. Terwijl een vaas juist verhuist met de seizoenen. In het voorjaar bij het raam met tulpen, in de zomer op het dressoir met gedroogde grassen, in de winter op de schouw bij kaarsen en een bundel dennentakken.
Een combinatie van drie vazen van verschillende hoogtes op een dressoir werkt bijna altijd. Zorg dat ze verschillen in afmeting maar iets delen: een kleurfamilie, een materiaal, of een stijl. Drie mediterraan aandoende vazen in terra en zandtinten bijvoorbeeld, of drie Japans ogende ruwe kommen in crèmewit. Precies dat principe pas je ook toe wanneer je een japandi woonkamer inricht, rustig maar niet steriel.
Een kleine vaas in de badkamer is nog onderbenut. Een smalle ruwe kom met één tak eucalyptus naast de kraan tilt de hele ruimte op. En de badkamer is vaak de plek waar je met één object het grootste verschil maakt.
Kleur en materiaal die goed ouder worden
Dit jaar zie je vooral warme, aardse tinten terug: roest, karamel, terra, diepbruin en warme zandtonen. Die passen niet toevallig ook goed bij een interieur met warme kleuren en organische vormen. Vraag: welke kleuren blijven over vijf jaar nog mooi? Meestal zijn dat niet de felle modekleuren van dit seizoen, maar de iets gedempte varianten. Een gedempte oker is tijdlozer dan een pure felgele.
Voor materiaal geldt hetzelfde. Gebakken klei met een mat glazuur veroudert mooi. Hoogglans keramiek in een trendkleur oogt na een jaar of twee snel gedateerd. En fijn aardewerk met een klein craquelépatroon wordt met de jaren alleen maar mooier. Dat hoef je niet fris te kopen: tweedehands vazen op rommelmarkten zijn vaak een goudmijn.
Waar je ze het beste koopt
Voor nieuwe stukken zijn kleine pottenbakkerijen en studio's je beste vrienden. In bijna elke Nederlandse stad werkt iemand in een atelier, vaak met open dagen of een winkeltje aan de voorkant. Marktplaats en Vinted zijn goudmijnen voor vintage stukken. Let op gebarsten randen en grote beschadigingen, maar een klein schilfertje is vaak juist charmant. Wie stijl wil verdiepen kan ook inspiratie halen uit color drenching als basis voor een kamer, waar de vazen tegen één doorlopende wandkleur ineens extra effect krijgen.
Ook vlooienmarkten in Frankrijk of Italië leveren vaak stukken op die je hier niet snel vindt. Wie reist met de auto heeft koffers vol ruimte. En op pop-upmarkten waar jonge keramisten hun werk verkopen vind je regelmatig iets voor vijftig euro dat in een galerie het viervoudige zou kosten.
Vermijd lukraak de goedkope varianten van grote woonketens. Die kopiëren vaak de look van handgemaakt, maar missen de onregelmatigheden die het effect doen. Je kunt de verpakking er nog aan zien afkijken, zelfs als die er niet meer om zit.
Dit is wat morgen anders kan
Loop vandaag eens door je woonkamer en kijk waar je oog blijft hangen. Grote kans dat het op gladde, gestanste oppervlakken valt: de tv, de strakke salontafel, het laminaat. Plaats daar in gedachten een ruwe, handgemaakte vaas tegen. De kamer wordt zachter, warmer, persoonlijker, zonder dat je een meubel hoeft te verplaatsen.
En die vaas gaat mee. Over tien jaar is je bank versleten en heb je een ander laminaat, maar die scheve keramieken pot op de schouw hoort er dan nog steeds bij. Weinig decoraties kunnen dat zeggen. Alleen al daarom verdient ze een betere plek dan dat hoekje waar ze nu waarschijnlijk staat.